E-mailwoordenlijst: de begrippen achter e-mailaflevering
E-mail heeft een eigen vakjargon, en dat jargon duikt op precies het moment op dat er iets misgaat: een bericht dat 'deferred' is, een adres dat 'hard bounct', een domein zonder DKIM. Deze woordenlijst legt die begrippen uit in één zin per term, zonder dat u er een ander artikel bij nodig hebt.
31 begrippen, gegroepeerd van het fundament (authenticatie) naar de praktijk (lijstbeheer en techniek). Elke term heeft een eigen anker, zodat u er rechtstreeks naar kunt verwijzen.
Authenticatie & DNS
SPF #
SPF (Sender Policy Framework) is een DNS-record waarin de eigenaar van een domein vastlegt welke servers namens dat domein e-mail mogen versturen.
De ontvangende server vergelijkt het verzendende IP-adres met die lijst. Een domein mag maar één SPF-record hebben; wie meerdere diensten toevoegt en per dienst een record aanmaakt, breekt de controle volledig.
Uitgebreide uitleg →DKIM #
DKIM (DomainKeys Identified Mail) is een digitale handtekening die de verzendende server aan elke uitgaande e-mail toevoegt en die de ontvanger controleert met een publieke sleutel uit het DNS.
Het bewijst dat het bericht onderweg niet gewijzigd is. DKIM is robuuster dan SPF omdat het niet aan een IP-adres hangt: een doorgestuurd bericht blijft geldig, terwijl SPF daarbij vaak faalt.
Uitgebreide uitleg →DKIM-selector #
Een DKIM-selector is het label in de handtekening dat aangeeft welk DNS-record de bijbehorende publieke sleutel bevat.
Dankzij de selector kan één domein meerdere DKIM-sleutels tegelijk publiceren — bijvoorbeeld één per verzendende dienst — en kunnen sleutels vervangen worden zonder onderbreking.
DMARC #
DMARC (Domain-based Message Authentication, Reporting and Conformance) is een DNS-record dat vastlegt wat een ontvanger moet doen met e-mail die de SPF- en DKIM-controle niet doorstaat.
Het beleid staat op p=none (alleen rapporteren), p=quarantine (naar de spammap) of p=reject (weigeren). DMARC vraagt bovendien dat het zichtbare afzenderdomein overeenkomt met het domein dat SPF of DKIM valideerde.
Return-Path (envelope sender) #
Het Return-Path is het adres waarnaar foutmeldingen over een e-mail worden teruggestuurd, en is het adres waarop SPF wordt gecontroleerd.
Het staat los van het From-adres dat de ontvanger ziet. Dat verschil verklaart waarom SPF kan slagen terwijl DMARC toch faalt: DMARC eist dat beide domeinen bij elkaar horen.
BIMI #
BIMI (Brand Indicators for Message Identification) is een DNS-record waarmee een domein een logo publiceert dat ondersteunende mailboxen naast het bericht tonen.
BIMI werkt alleen bovenop een DMARC-beleid op quarantine of reject. Sommige providers vragen daarnaast een geverifieerd merkcertificaat.
MTA-STS #
MTA-STS (SMTP MTA Strict Transport Security) is een beleid waarmee een domein afdwingt dat inkomende e-mail uitsluitend over een geverifieerde TLS-verbinding wordt afgeleverd.
Zonder MTA-STS kan een aanvaller de versleuteling onderweg laten wegvallen. Het bijbehorende TLS-RPT-record laat verzenders rapporteren wanneer dat gebeurt.
Aflevering & reputatie
Deliverability (afleverbaarheid) #
Deliverability is het aandeel verzonden e-mail dat effectief in de inbox van de ontvanger terechtkomt, in plaats van in de spammap te belanden of geweigerd te worden.
Het verschilt van delivery: een bericht kan aanvaard zijn door de ontvangende server (delivery geslaagd) en toch in de spammap staan.
Uitgebreide uitleg →IP-reputatie #
IP-reputatie is het oordeel dat mailboxproviders vormen over een verzendend IP-adres, op basis van verzendvolume, klachten, bounces en het gedrag van ontvangers.
Een nieuw of lang ongebruikt IP-adres heeft geen reputatie, en dat is niet hetzelfde als een goede reputatie: bij twijfel filteren providers strenger.
Domeinreputatie #
Domeinreputatie is het oordeel dat mailboxproviders vormen over het verzendende domein zelf, los van het IP-adres waarvandaan verstuurd wordt.
Omdat de reputatie aan het domein hangt, verhuist ze mee naar een nieuwe verzendende dienst. Een beschadigde domeinreputatie los je dus niet op door van IP-adres te wisselen.
IP-warm-up #
IP-warm-up is het gecontroleerd laten groeien van het verzendvolume vanaf een nieuw IP-adres of domein, zodat mailboxproviders de afzender leren kennen voordat het volume hoog wordt.
Zonder warm-up leest een plotse piek vanaf een onbekend adres als een spamuitbraak. Een warm-up loopt doorgaans over enkele weken en start met de meest betrokken ontvangers.
Uitgebreide uitleg →Dedicated IP en shared IP #
Een dedicated IP is een verzendend IP-adres dat door één afzender wordt gebruikt; bij een shared IP delen meerdere afzenders hetzelfde adres en daarmee dezelfde reputatie.
Een dedicated IP geeft volledige controle, maar vraagt genoeg en regelmatig volume om een reputatie op te bouwen en te behouden. Bij lage volumes presteert een goed beheerd shared IP doorgaans beter.
Greylisting #
Greylisting is een afweer waarbij de ontvangende server een eerste afleverpoging van een onbekende afzender tijdelijk weigert en pas een volgende poging aanvaardt.
Echte mailservers proberen automatisch opnieuw; veel spamverzenders niet. Het gevolg is een vertraging van enkele minuten bij de eerste e-mail naar zo'n ontvanger.
Throttling (rate limiting) #
Throttling is het begrenzen van het aantal e-mails dat binnen een tijdsvenster naar één ontvangende partij wordt gestuurd.
Mailboxproviders passen het zelf toe om pieken af te vlakken; verzenders passen het toe om niet tegen die limieten aan te lopen. Overschrijden levert vertraging of tijdelijke weigering op.
Deferral (4xx) #
Een deferral is een tijdelijke weigering met een 4xx-statuscode, waarbij de ontvangende server vraagt om het bericht later opnieuw aan te bieden.
Een deferral is géén bounce. Blijft hij aanhouden, dan is het meestal een reputatie- of volumesignaal, geen technisch probleem.
Blocklist (DNSBL) #
Een blocklist is een gepubliceerde lijst van IP-adressen of domeinen die als spambron zijn aangemerkt en die ontvangende servers via DNS raadplegen.
Niet elke lijst weegt even zwaar: enkele grote lijsten bepalen het merendeel van de blokkades, terwijl obscure lijsten door bijna niemand geraadpleegd worden.
Spamval (spam trap) #
Een spamval is een e-mailadres dat uitsluitend bestaat om ongevraagde post te vangen en dat nooit vrijwillig is ingeschreven.
Naast adressen die nooit van een echte persoon waren, worden ook lang verlaten mailboxen tot spamval omgebouwd. Dat is de reden waarom een oude, nooit opgeschoonde adressenlijst gevaarlijk is.
Bounces & lijstbeheer
Hard bounce #
Een hard bounce is een definitieve weigering met een 5xx-statuscode, omdat het adres niet bestaat of het domein geen e-mail aanvaardt.
Een hard bouncend adres hoort meteen van de lijst. Blijven versturen naar niet-bestaande adressen is voor mailboxproviders het duidelijkste signaal dat een lijst niet onderhouden wordt.
Soft bounce #
Een soft bounce is een tijdelijke weigering, bijvoorbeeld omdat de mailbox vol is of de ontvangende server tijdelijk onbereikbaar is.
Een soft bounce rechtvaardigt een nieuwe poging. Herhaalt hij zich over meerdere verzendingen, dan behandelt u het adres beter als definitief onbruikbaar.
Bounceverwerking #
Bounceverwerking is het automatisch uitlezen van foutmeldingen en het op basis daarvan uitschakelen of hertesten van adressen.
Zonder verwerking blijven ongeldige adressen op de lijst staan en blijven ze bounces genereren — met een dalende reputatie tot gevolg.
Opt-in en dubbele opt-in #
Opt-in is de toestemming die iemand geeft om e-mail te ontvangen; bij dubbele opt-in wordt die toestemming daarna nog bevestigd via een link in een verificatiemail.
Dubbele opt-in levert een kleinere maar aantoonbaar geldige lijst op, en filtert typfouten en ingevulde adressen van derden er meteen uit.
Uitgebreide uitleg →List-Unsubscribe (One-Click) #
List-Unsubscribe is een e-mailheader waarmee de mailbox zelf een afmeldknop kan tonen, zonder dat de ontvanger de e-mail hoeft te openen.
De One-Click-variant handelt de afmelding af met één verzoek, zonder tussenpagina of bevestiging. Grote providers verwachten deze header bij bulkverzending.
Spamklacht en feedback loop #
Een spamklacht ontstaat wanneer een ontvanger op de spamknop drukt; via een feedback loop meldt de mailboxprovider die klacht terug aan de verzender.
Een spamklacht weegt bij providers veel zwaarder dan een afmelding. Dat is de reden waarom een verstopte afmeldlink schadelijker is dan een zichtbare.
Lijsthygiëne #
Lijsthygiëne is het onderhoud van een adressenlijst: bounces verwijderen, afmeldingen verwerken, dubbels samenvoegen en langdurig inactieve ontvangers afvoeren.
Een kleinere, betrokken lijst levert doorgaans meer op dan een grote lijst met veel dode adressen — én beschermt de reputatie waarop alle verzendingen leunen.
Verzending & techniek
SMTP #
SMTP (Simple Mail Transfer Protocol) is het protocol waarmee mailservers e-mail aan elkaar doorgeven en waarmee toepassingen hun uitgaande e-mail aanbieden.
Omdat het protocol universeel is, kan elke toepassing die SMTP spreekt via elke SMTP-dienst versturen — de instellingen verschillen, het protocol niet.
SMTP relay #
Een SMTP relay is een tussenliggende mailserver die uitgaande e-mail van toepassingen aanneemt en namens hen aflevert bij de ontvangende servers.
De relay brengt authenticatie, reputatie, herpogingen en logging op één plek samen, in plaats van bij elke toepassing apart.
Uitgebreide uitleg →Poort 587 en STARTTLS #
Poort 587 is de standaardpoort waarop toepassingen hun uitgaande e-mail met authenticatie aanbieden, waarbij STARTTLS de verbinding versleutelt.
Poort 25 is bedoeld voor verkeer tussen mailservers onderling en wordt door veel providers en netwerken geblokkeerd voor uitgaand verkeer.
Uitgebreide uitleg →MTA #
Een MTA (Mail Transfer Agent) is de serversoftware die e-mail aanneemt, in de wachtrij plaatst en doorgeeft aan de volgende server.
De MTA beslist over herpogingen bij tijdelijke fouten en genereert de foutmeldingen die als bounce bij de verzender terechtkomen.
ESP #
Een ESP (Email Service Provider) is een dienst die e-mail namens klanten verstuurt en daarbij infrastructuur, reputatiebeheer en rapportage levert.
De term wordt zowel gebruikt voor campagneplatformen als voor zuivere verzenddiensten; het onderscheid zit in of er ook een redactie- en lijstbeheeromgeving bij hoort.
Open tracking #
Open tracking registreert dat een e-mail geopend is, door een klein, onzichtbaar beeldbestand op te halen bij het weergeven van het bericht.
Sinds mailboxproviders afbeeldingen vooraf laden om de ontvanger af te schermen, is een open niet langer een betrouwbaar bewijs dat iemand het bericht gelezen heeft.
Kliktracking #
Kliktracking registreert welke links in een e-mail worden aangeklikt, door de links via een tussenliggende URL te laten lopen.
Kliks zijn een sterker signaal dan opens, omdat ze een bewuste handeling vereisen. Ze wegen bij mailboxproviders ook mee als teken van betrokkenheid.
Uitgebreide uitleg →Verder lezen
Een definitie vertelt wat een begrip betekent, niet wat u ermee moet. Deze drie pagina's behandelen de onderwerpen uit deze lijst in hun geheel: de drie authenticatierecords, de aflevering als geheel, en de praktische stappen van een concrete verzending.